Nationale Geschiedenis

Home » Nationale Geschiedenis

In mei 1952 zag een eerste Lions club het daglicht in België.

Léon Vannuvel ontmoette begin 1951 Jean Pierre Galand, een advocaat, stichter van de eerste Lions club in Zwitserland en Tony Delage, een Amerikaanse Lion, belast met de uitbreiding van Lions in Europa. Geleidelijk aan groeide een kern van geïnteresseerden in Brussel.

Op 31 maart 1952 werd de eerste club officieel gesticht onder de naam Bruxelles, nadien Bruxelles Centre. Het charter werd overhandigd op 17 mei 1952. Om het vereiste aantal charterleden te verzekeren (20) werd Tony Delage een gewaardeerd lid van de club. Peterclub is Lions club Vichy.

Enkele maanden later kreeg Antwerpen zijn charter als petekind van Bruxelles, in het voorjaar van 1953 gevolgd door Liège (het huidige Liège Cité). Daarna volgde Gent en Namur. In 1954 kreeg De Panne als eerste kleinere stad zijn charter. Paul Simpelaere, charterlid van deze laatste club werd in 1960 als eerste Belg benoemd tot bestuurder van de internationale vereniging.

Naar aanleiding van de overstromingen bekwamen de toenmalige Lions clubs in 1953 de steun van de wereldorganisatie voor het oprichten van het medisch centrum te Hingene. De eerste nationale conventie wordt in Keerbergen gehouden in mei 1953 met 100% aanwezigheid van de 5 opgerichte of in oprichting zijnde clubs.

In 1958 worden alle buitenlandse Lions tijdens de wereldtentoonstelling verwelkomd op het Welcome Centrum for Lions.

Op 3 maart 1959 aanvaardt Koning Boudewijn het erevoorzitterschap van ons Belgisch district, een blijk van erkenning die tot op heden onze vereniging vereert en welke wordt voortgezet door Koning Albert II, en nu door zijn zoon koning Filip.

Pin It on Pinterest